en|fr
Creatieve dynamiek

Loge Willem Fredrik heeft een levende creatieve dynamiek, er zijn geen kampjes, wij werken met plezier samen. Willem Fredrik telt in 2016 ongeveer 50 leden. Zij is in de afgelopen periode verdubbeld in ledental. Om de ingroei van nieuwe leden makkelijk te maken en de verbinding in de loge te waarborgen krijgen nieuwe leerlingen mentoren toegewezen. Dit werkt in de praktijk uitstekend, aan beide kanten overigens. In ieder geval twee keer per jaar organiseert Willem Fredrik een bezoek aan een loge in het buitenland. Ter lering ende vermaak, en heel goed voor de versterking van de onderlinge betrekkingen, hetgeen belangrijk is bij een snel groeiende club. De loge heeft tijd en mankracht vrijgemaakt voor instructie over de ritualen, kennis en vaardigheden, om de continuïteit voor de toekomst veilig te stellen. Dat de loge snel gegroeid is, is mooi, maar veel belangrijker, de loge is in de afgelopen jaren onderweg bijna niemand kwijtgeraakt.

 
Diversiteit

De loge is men only en de leden zijn hoger opleid. De loge zou meer diversiteit in kleur en achtergrond van harte toejuichen. De loge kent (gelukkig) een grote diversiteit aan levensstijlen.

De ‘senioren’ waarborgen de eeuwenoude kennis en vaardigheden, zij zijn de gatekeepers van de geschiedenis, de kennishouders, de coaches. De ‘jonge’ generatie levert de nieuwe bestuurders en uitvoerders van beleid. Samen geven we vorm aan een nieuwe toekomst.

 
Nieuwe elementen

Loge Willem Fredrik positioneert zich in het spanningsveld van traditie en moderniteit. Besloten rituele arbeid, en middenin de wereld; op u komt het aan, en we doen het samen; eeuwenoude symboliek, en samenspraak over de thema’s van deze tijd. De loge ontwikkelt een filosofisch en praktisch perspectief op nieuwe ontwikkelingen in economie, technologie, wetenschap en maatschappij in brede zin. Deze Willem Fredrik antinomie spreekt aan, deze ogenschijnlijke tegenstelling tussen wat ‘vertrouwd’ en wat ‘nieuw’ is levert de beweging op, brengt de stroom van energie op gang, die tegenwoordig zo kenmerkend is voor onze loge.

De loge zet weliswaar ramen en deuren open, maar onze rituele arbeid is besloten en privé, noem het geheim. Loge Willem Fredrik hecht er aan dat in een tijd waarin veel, zo niet alles (digitaal) openbaar is, er nog plaatsen bestaan waar privacy wordt gerespecteerd.

Loge Willem Fredrik heeft verschillende nieuwe elementen ingevoerd:

  • Loge Willem Fredrik komt twee keer per maand bij elkaar. Vier keer per maand bijeenkomen is niet meer van deze tijd. Onze leden staan midden het leven, komen tijd tekort voor veel;
  • Het rokkostuum tijdens open loge heeft plaats gemaakt voor een donker pak, de loge wil zich niet onnodig onderscheiden van de wereld, de loge wil zich verbinden met de wereld;
  • Elk jaar op een zaterdag in maart organiseert de loge een ‘Dag van de Loge’, waarop de leden met de benen op tafel door kunnen praten en plannen kunnen maken over wat hen (maçonniek) beroert; deze jaarlijkse reflectie houdt onze methoden en programma fris en actueel;
  • Omdat de loge zo snel groeit krijgt elke nieuwe leerling een mentor toegewezen, een gouden greep. De leerlingen raken snel vertrouwd met de loge, maar ook de senioren behouden de aansluiting met al het nieuwe. Twee keer per jaar ondernemen we, voor wie wil en kan, een reis naar een buitenlandse loge, leerzaam voor een loge in ontwikkeling, hier worden broederbanden gesmeed;
  • De loge investeert in vernieuwing van haar ritualen. De ritualen zijn historischer en dramatischer naar Belgisch voorbeeld, en concreter naar de opdracht en verantwoordelijkheid van vrijmetselaars in de Franse traditie.

Loge Willem Fredrik laat zich graag inspireren door het esprit, de waarden en de persoonlijke moed van vrijmetselaars ten tijde van de Verlichting, de loge zet in op ‘maçonnieke verdieping’, maar positioneert zich weer ‘midden in de wereld’. Waarvan acte.

 
Geschiedenis

Wezenskenmerk van Loge Willem Fredrik is misschien wel haar tegendraadsheid door de tijden heen, Willem Fredrik als ‘enfant terrible’ van de Amsterdamse vrijmetselarij.

Franse inlijving

In 1810 wordt het koninkrijk Holland ingelijfd bij het Franse keizerrijk. Franse troepen onder leiding van atschaarschalk Oudinot, hertog van Reggio, bezetten Amsterdam en Franse ambtenaren en militairen vestigen zich in de stad. Onder hen zijn veel vrijmetselaren.

Loge ‘Saint Napoleon’ (1810 – 1813)

Al snel na de inlijving kent Amsterdam vier actieve Franse loges. Ze kunnen rekenen op weinig sympathie van de vier bestaande Amsterdamse loges. Vooral de loge ’Saint Napoleon’ is een doorn in het oog van de Amsterdamse broeders. Deze loge is op 15 oktober 1810 opgericht, met maarschalk Oudinot als erevoorzitter. Het korte maar turbulente bestaan van ‘Saint Napoleon’ (1810 – 1813) is op zich een studie waard. Zo is bijvoorbeeld vice-admiraal De Winter, prominent lid van ’Saint Napoleon’, wegens grote verdiensten voor het Keizerrijk, als enige Nederlander begraven in het Parijse Panthéon.

Franse loge wordt Hollandse loge

Wanneer in 1812 Napoleons Russische veldtocht mislukt, beginnen Amsterdamse Oranjegezinde vrijmetselaren aan de voorbereiding van het herstel van het Nederlandse gezag. Zij willen hiervoor een bijzondere loge oprichten, werkend onder het Franse Grootoosten. Maar hun opzet faalt en zij moeten zich aansluiten bij de loge ’Saint Napoleon’. Vanaf dat moment wordt ’Saint Napoleon’ steeds meer een Hollandse loge.

1813: Willem Fredrik

Als het Napoleontische bewind valt in Nederland, hebben de Franse loges geen bestaansrecht meer in Amsterdam. De latere koning Willem I geeft in 1813 toestemming aan ‘Saint Napoleon’ om zijn naam te dragen. Dit gebeurt op voorspraak van broeder Falck, lid van ’Saint Napoleon’, en van de zoon van de nieuwe soevereine vorst. Zo wordt het Willem Fredrik – zonder tweede e, want eenheidsspelling bestaat nog niet.  De aanstaande koning verzekert zich op deze manier van de steun van een loge die veel Amsterdamse bestuurders telt onder haar leden. Dat komt hem goed van pas in de woelige overgangsperiode van het Franse naar het Nederlandse gezag.

1814: Aansluiting Nederlandse Orde van Vrijmetselaren

Ondanks de patronage van koning Willem I en het erevoorzitterschap van de latere koning Willem II, ondervindt ’Willem Fredrik’ bij de aansluiting bij de Nederlandse Orde van Vrijmetselaren veel tegenwerking van de vier oorspronkelijk Amsterdamse loges. Op 12 juni 1814 is de aansluiting dan toch eindelijk een feit.

19e eeuw

Volgens Floor Meijer (‘Wereldburgers: Vrijmetselaren en de stad Amsterdam’) was Loge Willem Fredrik gedurende het grootste deel van de 19e eeuw “met stip de chicste loge van Amsterdam”. Een belangrijke reden hiervoor lag in het lange voorzitterschap van Rijksadvocaat, politicus en schrijver Jacob van Lennep. Lange tijd stond de loge zelfs bekend als ‘de aristocratische loge’, een titel die zij vooral te danken had aan de zorgvuldige manier van balloteren. Hierdoor, en door haar geringe bereidheid om samen te werken heeft zij wellicht de reputatie van ‘hooghartig buitenbeentje’. In het tijdperk van Lennep, die kind aan huis was bij de van Oranjes, en dankzij het lidmaatschap van de loge van koning Willem II, nam zij tijdelijk meer afstand van haar Franse origine.

Loge Willem Fredrik is in de 19e eeuw de voornaamste vertegenwoordiger van een behoudende stroming binnen een vrijmetselarij in transitie. De  loge houdt vast aan de speelse 18e eeuwse sfeer van ‘de loge als speeltuin voor de stedelijke elite’. Naast de rituele arbeid, hecht de loge evenveel waarde aan de tafelloges, de diners ter afsluiting van de logewerkzaamheden die traditioneel dienen om de broederband te versterken, maar in die tijd door sommigen in toenemende mate gezien werden als verwerpelijk overblijfsel uit lichtzinniger tijden.

Aan het eind van de 19e eeuw heeft de elite de vrijmetselarij verlaten, andere instanties nemen de maatschappelijke rol van vrijmetselarij, emanciperend, integrerend en beschavend, van haar over. Vrijmetselarij legt zich in toenemende mate toe op introspectie, op ‘Ken u Zelve’. Vrijmetselarij is er niet in geslaagd aansluiting te vinden met nieuwe emancipatie bewegingen van arbeiders en vrouwen.

Tegen de trend in maakt Willem Fredrik juist dan onstuimige tijden door, en steekt er in de loge, een nieuwe vooruitstrevende wind op. Floor Meijer schrijft: “Omstreeks 1880 ontpopte Willem Fredrik zich tot de progressiefste Amsterdamse loge en werd zij het centrum van een maatschappijgerichte stroming binnen de Nederlandse orde. Zoals loge Willem Fredrik vroeger in haar conservatisme de andere loges overtrof, lag zij nu in vooruitstrevendheid ver op de zusterloges voor.

Vondelstraat 39-41

In 1905 betrekt Loge ’Willem Fredrik’ een nieuw logegebouw, aangekocht door een lid van de loge, aan de Vondelstraat 39-41. Daarmee heeft de loge na de Keizerlijke Kolfbaan, Diligentia, Frascati, Odeon, Krasnapolsky en Keizersgracht 444-446 weer een vaste plek gevonden. Inmiddels is het logegebouw, dat in 2012 grondig op de schop is genomen, werkplaats voor alle Amsterdamse loges.

Eerste Wereldoorlog

Met het oog op het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog ziet ’Willem Fredrik’ in 1914 af van de viering van haar eeuwfeest. Op 4 augustus 1914 wordt dan het logegebouw ter beschikking gesteld van het Rode Kruis en onder leiding van generaal L. van Lier, Directeur Militaire Geneeskundige Dienst en lid van Willem Fredrik, omgebouwd tot lazaret. Ziekenzalen, een operatiekamer en een apotheek worden met fondsen van de Amsterdamse loges ingericht.

Interbellum

In de periode tussen 1918 en 1939 gaat het de loge voor de wind. Toch neemt in heel Europa de anti-vrijmetselaarspropaganda toe vanuit kerkelijke en politieke hoek. Bij het 125-jarig bestaan van de loge in 1939 wordt dan ook somber vooruit geblikt.

Tweede Wereldoorlog

Op 4 september 1940 verbiedt de Duitse bezetter alle vrijmetselaarsactiviteiten. Het logegebouw in de Vondelstraat wordt onteigend en bezet door NSB en SS. Wie het nu over ’Willem Fredrik’ heeft, spreekt van ’Wynand Fockink’, slijterij en distilleerderij te Amsterdam. De broeders van ’Willem Fredrik’ blijven elkaar ontmoeten, en wel als kegelclub. Die komt bijeen in het Parkhotel, het hoofdkwartier van de vijand.

Na de arrestatie van enkele Amsterdamse broeders gaat de kegelclub tijdelijk ’in ruste’ en wordt dan elders heropend. De club blijft gedurende de hele oorlog actief en bestaat zelfs tot eind jaren tachtig. ’Willem Fredrik’ komt echter niet ongeschonden uit de oorlog. Veel leden overleven de oorlog niet of brengen deze door in gevangenschap.

Tweede helft 20e eeuw

Na de oorlog kan de loge zich succesvol heroprichten. Loge Willem Fredrik wordt weer powerhouse, op haar hoogtepunt telt zij meer dan 120 leden. Een sterk veranderende wereld, toenemende individualisering en natuurlijk verloop zorgen er echter voor dat orde en loge aan het begin van de 21e eeuw een bescheidener omvang hebben.

21e eeuw

Begin van deze eeuw gaat het niet goed met Willem Fredrik. De loge wijdt nog maar weinig nieuwe leden in en is slecht in staat leden aan zich te binden. Deze crisis heeft achteraf gezien het beste in de loge naar boven gebracht. De vernieuwing van de loge, het nieuwe elan, is toen geboren. De loge is met zichzelf aan de slag gegaan, zij  had weinig te verliezen. De lichten doven, of vrijmetselarij opnieuw uitvinden, dat was de kwestie!

Op 1 november 2014 viert Loge Willem Fredrik haar 200 jaar jubileum met een dubbele aanneming op basis van een splinternieuw rituaal. Het feestelijke diner,  aangezeten door meer dan 100 leden en gasten uit binnen- en buitenland, doet oude tijden herleven.

Heden

Loge Willem Fredrik is misschien nog steeds het ‘enfant terrible’ van de Amsterdamse vrijmetselarij, tegendraads, puttend uit een rijke traditie, gericht op de toekomst, met het hart op de goede plaats, een loge om van te houden.